In mijn eerdere blogpost schreef ik over hoe ik het ervaar om op de taxi te rijden op zaterdagnacht. Het is een prachtige baan en ‘s nachts werken biedt veel voordelen, zoals harder kunnen rijden om net wat sneller op de plek te kunnen arriveren; genieten van de reclame-loze Q-music, SlamFM en CityFM tracks met stipt op elk uur een herhaling van het nieuws van twaalf uur. Ik heb al eerder geschreven dat ik alleen op zaterdagnacht rijdt. Echter heb ik een van de meest bijzondere ritten overdag meegemaakt.
Het was mijn enige rit die ik door de week eens heb gereden, met uitzondering van een aantal vooruitgeplande ritten naar Utrecht, was een toevalligheid. Ik was bij mijn baas om hem te helpen met een stukje software. De telefoon ging en een trouwe zaterdagnacht klant van ons was aan de lijn. Er was een oudere vrouw die een taxi nodig had. Normaliter reed zij met de concurrent vanwege handige regelingen met de overheid en zorginstellingen, maar ditmaal had de taxi chauffeur van dat bedrijf een fout gemaakt. De vrouw moest worden opgehaald en mijn baas vertelde mij dat ik dat wel even kon doen, als bedankje voor de hulp bij de software. Ik kreeg het betaald dus dat was in orde.

De vrouw bleek manisch depressief te zijn. Zodra ze in de auto stapte begon ze over haar verlies en het huilen stond haar nader dan het lachen. We spraken een tijdje over wat haar dwars zat en toen vertelde ze me dat ze geloofde dat iedereen moest genieten van het nu, ze sprak me dit met een serieuze toon toe, ik merkte dat ze het meende. Ze vertelde me dat de persoon die ze verloren had zo opgegaan was in geld en materiële bezitten dat hij niet had kunnen genieten van zijn leven. Na een vroegtijdige dood was al zijn doen, zijn hele leven, voor niets geweest; later als hij oud was wilde hij genieten en op zijn pensioen teren. Ze was er helemaal kapot van, dat merkte ik aan alles. Ik ben zelf van mening dat ieder ogenblik op zichzelf staat en dat je momenten zo moet beschouwen. Ik vertelde haar dat ik haar mening deelde en dat ik me niet bezig hield met dingen als zorgen over mijn pensioen, mijn drukke werk of hoe ik over tien jaar gesetteld zou zijn. Ik vertelde haar dat ik ook van moment op moment leefde. We praten er een tijdje over en op een bepaald moment begon ik iets te merken. Ze snotterde niet meer, haar zware depressieve toon viel weg en toen ik naar rechts keek zag ik in plaats van een zwaar gespannen naar beneden getrokken gezicht een lichte, bijna onmerkbare glimlach. We waren bijna bij haar bestemming en ze vertelde me dat ze zo ontzettend blij was dat er nog jonge mensen waren die zich niet bezig hielden met materiële bezitten. Ze zei en het volgende gaf me een rilling over mijn rug, dat ze weer een beetje hoop had dat het goed zou komen met mijn generatie.
De vrouw stapte me uit en bedankte me voor de rit. De vrouw, die nog geen tien minuten geleden bij mij in de auto stapte, een wrak met manisch depressieve klachten en totaal in de put, stapte uit mijn taxi met een glimlach, een glimlach die ze volgensmij een hele hele lange tijd niet had gelachen. Ook nu ik er weer aan denk krijg ik er kippenvel van. Ik deed niets bijzonders, het was een casual gesprek, we waren aan het praten zoals ik met al mijn klanten praat; over hen. Ik praat nooit over mezelf, ik ben veel meer geïnteresseerd in de ander. Maar dit maal had ik een klein beetje van mezelf laten zien en het effect was ongelofelijk. Tien minuten, slechts door te vertellen hoe ik over het leven dacht, had een vrouw voor heel even weer hoop gegeven. Ik heb haar niet genezen, ik zou gek zijn als ik dat beweerde, maar op die namiddag heb ik haar heel even een goed gevoel gegeven. Door tijd, toeval en mijn baas de digibeet.
Ik hoop dat je nu begrijpt waarom taxi-rijden zo bijzonder is, het is niet een transporteur zijn in een dikke auto, het is mensenwerk.

